Wat herinner jij je nog?

Wat herinner jij je nog?

Het intrigerende boek van Alex Loyd: de healing codes leert ons opnieuw dat stress de grote boosdoener is in ons lijf, want het veroorzaakt zowat alle problemen waar we mee kampen op fysiek, emotioneel, mentaal en spiritueel niveau (bij dat laatste zullen de wenkbrauwen omhoog gaan want je vraagt je af hoe je op dat niveau problemen kunt hebben. Nou het zal je verbazen).

Stress komt vrij bij bedreigingen in het wild, dus zeg maar in ons dagelijks leven. Bijvoorbeeld als het stoplicht net bij jou op oranje gaat of als je collega geen promotie krijgt en jij wel. Stress zorgt er voor dat we bij zo’n dreiging kunnen vechten of vluchten. Logisch, want alle energie uit je lichaam balt zich samen om dat ene levensgevaarlijke moment (het halen van een belangrijke deadline of het invoegen op de A2) te overleven. Tijdens die survival sluit je lichaam zowat alle ander systemen af om al doende energie te sparen voor de vlucht. Je kunt dus op je vingers natellen dat er tijdens de stress-periode geen enkel herstel in het lichaam plaatsvindt.

Alex Loyd vergelijkt het graag zo: als een huis in de fik staat, worden er op dat moment geen kozijnen geschilderd. Je lijf doet het op precies dezelfde manier: tijdens de overleving, geen tijd voor het immuunsysteem of voor herstel, met als gevolg dat je afweer daalt en je genezing niet op gang komt. Gelukkig is het zo dat stress in het wild maar een paar minuten duurt en het risico van een algehele blokkade van het immuunsysteem dus bijna nul is.

Maar we hebben als mens te maken met 2 aspecten:

  1. in onze georganiseerde en onnatuurlijke manier van leven is de dreiging van allerlei situaties zo hoog en zo langdurig dat er geen eind aan komt (het idee dat je je hypotheek over 10 jaar niet kunt afbetalen of dat je gewoon nooit geld overhoudt).
  2. het andere fenomeen dat we als mens hebben is een uitstekend geheugen voor stress-situaties. Als je ooit iets pijnlijks in je leven hebt ervaren dan onthoudt ons cel-geheugen die informatie (ja, het geheugen ligt opgeslagen in je cellen en niet in je brein) en door direct de bijbehorende stress op te roepen, activeren je vecht/vluchtimpulsen voortdurend.

Dus als je 1 en 2 in een dagelijkse combinatie aantreft dan staan je immuunsysteem en je geneeskracht constant uit of op stil waardoor je steeds zwakker en vermoeider wordt (wat ook weer extra stress oplevert en de draaikolk zuigt je letterlijk leeg).
Daarom is het zo onbegrijpelijk dat mensen onderuit gaan in een situatie die er op het eerste gezicht helemaal niet zo stessvol uitziet. Je hoort weleens dat iemand zijn gezin heeft verlaten tijdens het opzetten van de tent op de eerste dag van een vakantie of dat iemand in een shock raakte bij het achteruit inparkeren. Toch kan zo’n situatie net de laatste sneeuwvlok zijn die het dak doet instorten onder het gewicht van alle eerder gevallen sneeuw.
Wie het boek leest van Alex Loyd weet dat er gelukkig een oplossing is.

Meer weten?

Kom naar de braininars en ontdek onvermoede oplossingen. Klik hier voor meer informatie

Jan Stans, het vierde brein

 

 

je brein als oplossingenmachine

je brein als oplossingenmachine

Tijdens ons basis-braininar maak je kennis met je brein als oplossingenmachine. Stel, je moet een belangrijke presentatie geven voor de hoogste directie van het bedrijf waar je werkt. Dan is het denkbaar dat je van tevoren onzeker bent en twijfelt of je het wel goed zal doen. Je ervaart dit gevoel als een zweterig probleem. Bijna kokhalzend sta je voor de bestuurders met alle ongemakken van dien, zoals een droge mond en meerdere natte oksels.

Stel nou, dat dit gevoel van onzekerheid helemaal geen probleem is, maar juist een oplossing. Door je eigen brein bedacht voor een dieper liggend probleem. Bijvoorbeeld voor het idee, dat je altijd nogal geneigd bent tot perfectionisme. ‘Ik mag niks fout doen en alles kan beter, moet beter.’ Stel nou, dat jouw perfectionisme ook weer een oplossing is voor een nog dieper liggend probleem. Bijvoorbeeld voor de neerbuigende overtuiging dat je toch nooit iets goed kan doen, ook al doe je nog zo je best. Stel nou, dat deze minderwaardigheid ook weer een oplossing is van de pijnlijke zekerheid dat je waardeloos bent en dat je er niet toe doet. Stel nou, dat deze zekerheid ook weer een oplossing is van de ervaring dat er thuis altijd alleen maar aandacht besteed werd aan je oudste broer en nooit aan jou.

Je deed er toen alles aan om dat onoplosbare probleem te verzachten, om het hoe dan ook op te lossen. Onbewust koos je brein toen voor een steeds draaglijker oplossing.

Om te zorgen dat je nu nooit meer bij de oer-pijn van die oude realiteit terecht komt, kiest je brein voor de zichtbare- en oppervlakkige problemen. Daar tobben we liever voortdurend mee, dan ‘terug naar af’. Als kind kon je dat onoplosbare probleem alleen oplossen door steeds mildere vormen te kiezen. Gek genoeg doet je brein dat spelletje nog steeds. Je onzekerheid tijdens die presentatie was dus juist een mildere oplossing.